professionals Tag

Gesprekstip – Verwaarlozing

Vermoeden van verwaarlozing

Stel dat je een vermoeden hebt van verwaarlozing. Dus je merkt dat een kindje net iets te lang met een vuile luier loopt, te krappe kleding heeft waardoor het kindje niet vrij kan bewegen, vieze kleding heeft van een paar dagen ervoor.

“De laatste mode interesseert ons niet zo..”

Als je dat bespreekbaar maakt met ouders (en ik ga nu niet helemaal er op in hoe je dat gesprek begint, dat is weer een andere tip), maar dan kan het zijn dat zij reageren met: ‘Dat vinden wij allemaal niet zo belangrijk en het hoeft geen modepopje te zijn want de laatste mode interesseert ons niet zo.’

Daar zit je dan..

Dan zit je..
De discussie over wel goed of niet goed ligt op de loer. En misschien ook wel het gevoel van ‘wie ben ik om hier wat van te vinden?’
Wat er gebeurt is dat jij het ene uiterste bespreekt en zij mogelijk schieten naar het andere uiterste.

Wat je hierin duidelijk wil maken is hetgeen je niet wil. Wat je wel wil is dat er uit dit uiterste wordt gegaan, dus dat je iets meer naar het midden gaat. Wat niet hoeft is dat het ineens 180 graden draait. Je kan dit uitleggen als ouders zo reageren. Maar je kan het ook eerder doen, bijvoorbeeld wanneer je duidelijk maakt dat en waarom je een zorg deelt, daarmee kader je het gesprek.

Bijvoorbeeld

“Ik bespreek dit met u, niet omdat ik wil dat het een modepopje wordt in de nieuwste mode dat elke dat dag in bad gaat en de haren gevlochten of in de gel heeft zitten. Dat is niet waarom ik dit met u bespreek.
Wat ik wel bedoel is dat ik nu zie dat uw kind beperkt wordt in het spelen (afhankelijk van het voorbeeld natuurlijk) en wat de gevolgen voor de gezondheid kunnen zijn als we het over hygiëne hebben en daar wil ik u graag van op de hoogte brengen.”

Extremen

Mensen denken vaak in extremen. En als je dit niet duidt dan kan het gebeuren dat je in een discussie komt over wat wel en wat niet goed is, zoals het ene linker of het ene rechter uiterste. En dan wordt het ook een discussie over wat je zelf vroeger hebt ervaren en je daar ‘beter’ of ‘slechter’ van bent geworden. En daar wil je uit blijven, want dat is niet waar dit over gaat. Er is jou iets opgevallen en dat wil je graag delen met de ouder, want misschien zijn zij zich er helemaal niet van bewust.

 

Heb ik je geïnspireerd met deze tip en wil je hier meer over weten. Of lijkt het je leuk om te leren hoe je dit praktisch kan toepassen in je dagelijkse bezigheden? 

 

Klik dan op één van onderstaande buttons

Inschrijven voor een training of workshop
Meld je hier aan voor de gratis en vrijblijvende online videoserie
Contact

0
0

De kracht van ont-moeten

De trainingen die ik geef gaan over het signaleren en bespreekbaar maken van geweld en mishandeling (alle doelgroepen).

Taal speelt hierin een heel belangrijke rol. Taal van beleidsmakers naar de hulpverleners, taal van de hulpverleners naar cliënten/patiënten en taal van jou tot jou.

Hoe vaak zeg jij tegen jezelf: ‘Ik moet nog even dit, ik moet nog even dat..’?. Dit artikel gaat over een nieuwe kijk op ontwikkelen, ontmoeten, ontladen en ontvangen. Lees je mee?

Nieuw denkpatroon

 
Ik heb er een sport van gemaakt om de taal met betrekking tot dit onderwerp te analyseren en te kijken wat hier wel en niet werkt. En in het Ovora® model verwerk ik deze bevindingen om zo tot een nieuw denkpatroon te komen. Dit is één van de belangrijkste doelen van Ovora®. Want een nieuw denkpatroon zorgt ervoor dat je het anders kan doen.

Ont – wikkelen

 
Met ontwikkelen bedoel ik het uitpakken van het grootste cadeau
dat je iemand kan geven, namelijk jezelf.
De kaders (de Meldcode, protocollen en andere reglementen) zijn er om ons te helpen en te ondersteunen. Maar wat er de laatste jaren alleen is ontstaan, is dat de kaders ons gevoelsmatig een ‘moeten’ op leggen. Vanuit dit moeten zet je onvermijdelijk een stap af van jou. Van jouw gevoel, jouw inschatting en jouw intuïtie.

Met ont-wikkelen bedoel ik dat je de kaders van je af rolt en hetgeen daaronder zit, jij dus, als basis neemt. Terug naar jouw kern. Waarom doe je wat je doet? Waarom heb jij gekozen voor dit werk? Wat wil jij neerzetten in deze wereld?

Ont – moeten

 
Hierboven heb ik al een klein stukje verklapt over ont-moeten. Het ontmoeten, dus het niet meer ‘moeten’ van dingen, maar het ‘willen’ van dingen.  ‘Ik wíl het gesprek met betrokkenen aan gaan omdat ik mij zorgen maak over de ontwikkeling van dit kind. Want mijn doel in het leven is om elk kind veilig op te laten groeien in Nederland’. In plaats van ‘ik moet de Meldcode gebruiken en daarin moet ik ook stap 3 zetten wat inhoudt dat ik het gesprek met betrokkenen aan moet gaan’.

Als je ont-moet, dan pas ontmoet je degene die je tegenover je hebt.

Ont – laden

 
Geweld, mishandeling, misbruik, agressie, angst. Het is een beladen onderwerp. We horen nieuwsberichten waarin het gruwelijk is misgegaan en we wensen dat dat ons nooit zal overkomen. Dat is een mooie drijfveer. Alleen is hij wel op angst gebaseerd. En als angst regeert, verkramp je (zoals je ook kan lezen in in mijn artikel ‘nu gaan we het écht anders doen’).

Het ont-laden van dit onderwerp is een van de belangrijkste  
veranderingen van denkpatronen in mijn trainingen.
Door te weten dat geweld niet van de één op andere dag ontstaat en dat het vaak met onmacht te maken heeft maakt dat het onderwerp menselijker.

We weten allemaal hoe liefde en boosheid voelt, het zijn namelijk normale menselijke emoties. Alleen is de uiting ervan bij huiselijk geweld en kindermishandeling op een destructieve manier. Aan de hulpverlening om te laten zien dat het ook anders kan.

Ont – vangen

 
Eén van de belemmeringen die ik regelmatig hoor is: ‘Wat als ik er naast zit met mijn vermoeden?’ of ‘wat als betrokkenen ontkennen?’

Hieronder ligt bedekt dat je gelijk zou moeten krijgen over jouw vermoeden. ‘Ik moet kunnen aantonen of bewijzen dat er sprake is van geweld’. Die wil ik graag weerleggen, want ook hier zit weer een ont-moeten in, namelijk: ‘ik wil aan betrokkenen laten zien dat ik mij zorgen maak en dat zij hierbij ondersteund kunnen worden’. Want stel nou dat er geen geweld ‘aangetoond’ of ‘bewezen’ wordt, stopt jouw zorg dan? Waarschijnlijk niet, want je hebt nooit geweten of er wel of geen geweld was en toch had je een zorg.

We hoeven dus niet iemand te ‘vangen’ om in een hokje te plaatsen om de juiste ondersteuning te kunnen bieden. Als je hem zo bekijkt kan je dus áltijd iets doen.

Heb ik je geïnspireerd met deze kijk en wil je hier meer over weten. Of lijkt het je leuk om te leren hoe je dit praktisch kan toepassen in je dagelijkse bezigheden? 

 

Klik dan op één van onderstaande buttons

Inschrijven voor een training of workshop
Meld je hier aan voor de gratis en vrijblijvende online videoserie
Contact

0
0

“Ik heb het te druk”

We kennen het allemaal wel, het druk hebben. Stel je eens voor dat je na je werk de kinderen van opvang moet halen, de file in moet en het eten zo snel mogelijk op tafel moet hebben want er staren een paar hongerige gezichtjes naar je.

Kinderopvangcentra

Ik heb al veel trainingen mogen geven bij kinderdagopvangcentra. Een erg belangrijke groep omdat zij van jongs af aan betrokken zijn en veel tijd met de kinderen doorbrengen.

Een terugkerend thema is dat sommige ouders het ‘te druk’ hebben wat het starten of plannen van een gesprek soms extra lastig maakt.

“Ik heb nu echt geen tijd”

Ouders geven dan bijvoorbeeld aan dat ze nu echt geen tijd hebben, want ze staan dubbel geparkeerd, moeten nog een ander kind ophalen, of moeten dringend naar hun volgende afspraak. En dat dan bijna elke overdracht en juíst bij dat gezin waar jij je zorgen over maakt.

“Het duurt niet zo lang”

Wat mij opviel is dat we dan geneigd zijn om het over de duur van het gesprek te hebben. “Het duurt niet zo lang”. Wat er dan gebeurt is dat we op het niveau van ‘druk’ blijven. En ook ‘niet zo lang’ kan op dat moment toch te lang zijn.

Drukte kan een vlucht zijn

Drukte kan een vlucht zijn, een excuus om juist niet in gesprek te hoeven. Maar het kan ook een signaal zijn dat de situatie uit balans geraakt is. Wie het vaak te druk heeft, staat op standje overleven.

Kijk daarom een laag dieper dan alleen het druk zijn zelf. Waar heeft iemand die het te druk heeft behoefte aan? Rust. Communiceer dat! “Laten we een rustig moment creëren”.

Welke behoefte zit er achter hetgeen dat gecommuniceerd wordt?

Geef jezelf als uitdaging dat wanneer iemand het woord ‘druk’ gebruikt, jij juist het woord ‘rust’ gebruikt. Dus met andere woorden: Ga op zoek naar welke behoefte er achter het ‘probleem’ van de ander ligt en communiceer dat. Zo kom je eerder in verbinding.

Meer weten over huiselijk geweld en kindermishandeling?
Klik op één van onderstaande buttons

Inschrijven voor een training of workshop
Meld je hier aan voor de gratis en vrijblijvende online videoserie
0
0
De definitie van signaleren

De definitie van signaleren

In een eerder artikel heb ik het gehad over het nadeel van het gebruik van vakjargon. In dit artikel wil ik specifiek ingaan op het veel gebruikte woord signaleren.

En dan vooral in de context: ‘Het signaleren van huiselijk geweld, kinder- en oudermishandeling*’. Het is niet zozeer een woord dat als vakjargon richting cliënten/ betrokkenen veel gebruikt wordt, maar des te meer in de aanpak van deze problematiek, dus vanuit de beleidsmakers naar de zorg- en welzijnsprofessionals toe. *In dit artikel noem ik huiselijk geweld, kinder- en ouderenmishandeling in het vervolg mishandeling. In de breedste zin van het woord.

De juiste benadering

 

We weten allemaal hoe belangrijk taal is. De juiste benadering qua gespreksvoering kan veel invloed hebben op de ander. Door de juiste vragen, door in verbinding te zijn met je cliënt kan je het verschil maken. Iedereen die deze problematiek moét signaleren wordt ook beïnvloed door taal. Denk bijvoorbeeld aan ‘de verplichte meldcode’, we zijn verplicht er iets mee te moeten doen.

Het signaleren van mishandeling wordt regelmatig als lastig ervaren. Ik hoor belemmeringen als: ‘Wat als mijn vermoeden niet blijkt te kloppen?’,  ‘wat als men boos wordt en van de radar verdwijnt?’ en ‘ik kan toch pas iets doen als ik genoeg bewijzen heb’.

Het woord signaleren ontleed

 

Laten we eens stilstaan bij het woord zelf. Wat betekent signaleren nu eigenlijk?

Sig·na·le·ren: constateren

Con·sta·te·ren: vaststellen

Vast·stel·len:  bepalen, afspreken, als feit waarnemen; = constateren
(Bron: Dikke van Dale)

Signaleren betekent dus dat je iets vaststelt. En wanneer je iets vaststelt bepaal je iets en neem je iets als feit waar. En daar zit mijn inziens de crux. Bij het signaleren van mishandeling kan je dat helemaal nog niet bepalen en weet je nog helemaal niet of het een feit is. Als je dat ooit al te weten komt. Je zit dus nog in de onderzoekende fase en je moet al gaan bepalen en vaststellen. Geen wonder dat er handelingsverlegenheid ontstaat en dat je je afvraagt ‘wie ben ik om dit te bepalen?’.

De paradox

 

Terwijl de zorg- en hulpverlening wordt geacht mogelijke mishandeling te signaleren, doen mensen in gewelddadige situaties er juist alles aan om hun situatie verborgen te houden, uit bijvoorbeeld schaamte of angst. Er wordt dus van jou verwacht dat je iets ziet wat men verborgen probeert te houden.

Alert zijn op mishandeling

 

‘Maar het is toch aan ons leerkrachten, hulp- en zorgverleners om mishandeling te signaleren?’ Hoor ik je denken. Ja dat klopt, maar stel je eens voor dat we afblijven van het woord signaleren (en ieders eigen interpretatie die hieraan hangt) en besluiten dat wij vanaf nu alert zijn op risico- (en beschermende) factoren. Eigenlijk is dit niet eens zo heel anders dan signaleren, maar het helder krijgen van risicofactoren is concreet. Signaleren impliceert dat je mishandeling ziet, hebt gesignaleerd.

Alert zijn op risicofactoren houdt in dat je kijkt naar factoren in de leefomgeving die tot mishandeling kunnen leiden. Je maakt het dus concreter én je werkt preventief! Daarbij komt dat als je op deze manier te werk gaat, je eerder in verbinding komt met de betrokkenen. Je ziet namelijk dat er op bepaalde gebieden hulp nodig is. Dan kom je vanuit zorg.

De extra handeling die signaleren heet

 

Het signaleren van mishandeling impliceert dat je iets extra’s moet doen, dat je naast je reguliere werkzaamheden óók nog alert moet zijn op mogelijke mishandeling. En dat je pas ‘goed’ gesignaleerd hebt als je iets concreets hebt. Maar wat nu met de gevallen die niet heel concreet zijn, die wel uit de hand dreigen te lopen, of al zijn gelopen en waar je niet heel duidelijk de vinger erop kan leggen wat er mis is. Alert zijn op mishandeling (en dus de risicofactoren) is iets wat geïntegreerd zou moeten zijn in je reguliere werkzaamheden. Net zo normaal als dat je checkt of jouw cliënt wel in het juiste postcodegebied woont.

Hoe je alert kan zijn

 

‘Allemaal leuk en aardig’ hoor ik je denken. ‘En het klinkt misschien wel logisch, maar hoe zorg ik er nou voor dat het ook daadwerkelijk een manier van doen word?’ We kennen het allemaal wel: Je hebt een training of workshop gevolgd, je denkt: ‘yes! Vanaf nu ga ik dit toepassen’ en na een paar weken of maanden blijkt ineens toch dat je bent vervallen in je oude gedrag.

Om ervoor te zorgen dat nieuwe inzichten beklijven kan je het best met afbeeldingen werken. Plaatjes in plaats van rijtjes tekst en lijsten.
Daarom heeft Ovora een afbeelding ontwikkeld waardoor je nooit meer zal vergeten wat je moet doen om het plaatje helder te krijgen.

Weten hoe dit plaatje eruit ziet? Neem dan hier contact met me op voor meer informatie.

0
0
Kanttekening bij het afwegingskader

Een kanttekening bij het afwegingskader

De Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling wordt aangescherpt. Verschillende beroepsgroepen hebben met elkaar gekeken hoe zij het afwegingskader vorm willen geven. En per 1 januari 2019 wordt dit afwegingskader verplicht.

Het doel


Houvast bij afwegingskader meldcode
Het afwegingskader verduidelijkt hoe de (zorg)professional tot de conclusie kan komen dat een situatie van (een vermoeden van) kindermishandeling en huiselijk geweld dermate ernstig is dat een melding noodzakelijk is.
Het doel van een afwegingskader is om meer houvast te geven bij het nemen van beslissingen over het doen van een melding.

Implementatie


Veel organisaties zijn druk bezig met de implementatie van dit afwegingskader binnen de organisatie. Begrijpelijk dat de focus wordt gelegd op het werken met het nieuwe afwegingskader. Er zijn een aantal veranderingen waar men van op de hoogte moet zijn.

Echter zou ik vanuit de visie van Ovora willen toelichten waarom dit hoogstwaarschijnlijk weinig verschil zal gaan maken in de mindset van de medewerkers.

Moeten


Sinds de invoer van de Meldcode worden bepaalde beroepsgroepen verplicht om met de Meldcode te werken. Er wordt van bovenaf gezegd: ‘dit is verplicht en dit moet je doen’. Maar wat ontbreekt is een investering in het aanwakkeren van de intrinsieke motivatie van de medewerkers. Door de focus zo op de kaders (meldcode + nu het nieuwe afwegingskader) wordt men niet meer getriggerd om zelf te voelen en in te schatten.

Uniformiteit


En dat is precies waar de crux zit. Men is bang om dit zelf in te schatten, want wat als je ernaast zit? Om deze angst tegen te gaan wordt er vanuit het ministerie gekeken hoe dat ondervangen kan worden. De symptomen (er wordt te weinig gemeld; bijvoorbeeld door angst om verkeerd in te schatten) worden bedekt door een afwegingskader te maken. Er wordt geprobeerd het zo uniform mogelijk te maken. Maar geweld zaken zijn niet uniform. Elke zaak staat op zichzelf, roept een ander gevoel bij de professional op (met diens eigen bagage en referentiekader) en heeft een passende aanpak nodig.

Appelboom



Houvast bij afwegingskader meldcode
Je kan het zien als een appelboom.
Eigenlijk is de eerste oogst appels (de meldcode) niet helemaal zoals men voor ogen had.
Wat er gebeurt is dat de mislukte appels (oogst) opgepoetst worden (nieuw kader).
Maar door de appels op te poetsen werk je niet aan succesvolle volgende oogst.
Als je wilt dat de vruchten beter worden, dan moet je bij de wortels van de boom zijn.

Roots


Daarom heb ik Ovora ontwikkeld. Hoe kunnen we nu vanuit de roots, de wortels, dus vanuit de kracht van de professional zelf (die nu onzichtbaar is omdat er in kaders gedacht moet worden) ervoor zorgen dat er beter gesignaleerd en gemeld wordt?

Zoals Einstein zo mooi zei: ‘Als je doet wat je deed, krijg je wat je kreeg’. Als je in de papieren werkelijkheid blijft dan zal het een papieren werkelijkheid blijven. Als je voor uitvoering gaat, zal er uitgevoerd worden.

 

 
Wil je weten hoe je de roots aanpakt? Meld je aan voor en training of workshop.
Klik hier voor ons trainingsaanbod

0
0
niet te ingewikkeld

Niet te ingewikkeld

niet te ingewikkeld

Een levend wezentje is op aarde gezet, klaar om zichzelf en de wereld om zich heen te ontdekken. Alle kleertjes en spulletjes voor handen en aan liefde geen gebrek. Ik zie het dagelijks op social media voorbij komen en kan mezelf niet bedwingen te denken aan de kinderen met een stuk minder gezellige omstandigheden.READ MORE

0
0

Intuïtie versus het brein

“Je intuïtie weet wat te doen. De kunst is alleen om je hoofd zijn mond te laten houden zodat je kan luisteren”

Heb jij ook wel eens dat je achteraf denkt: “Had ik maar (eerder) naar mijn onderbuikgevoel geluisterd?” Of “Dit is precies waarom ik er vanaf het begin al geen goed gevoel bij had?” READ MORE

0
0